Na een slechte nacht die vooral verstoord wordt door een
aanhoudende herrie op de straat beneden ons staan we gebroken op om half acht.
En dan moeten we ook nog douchen op de gang. Het ontbijt valt ook al een beetje
tegen. De sapmachine is stuk en er zijn ook geen lekkere broodjes. Het City
Hotel komt bij ons niet meer in aanmerking voor nog een bezoek. Jammer, gezien
de prijs had het zo mooi kunnen zijn. Het zonnetje schijnt nog wel en in de
vensterbank zit een meeuw te wachten op wat lekkers. Als we het ontbijt op
hebben halen we onze spullen uit de kamer en lopen naar de parkeergarage.
Kijken of de junkies en dronkaards onze auto ook leeggehaald hebben. Zou hij er
nog staan? Gelukkig blijkt bij de ingang dat de garage stevig is afgesloten.
Niemand kan erin. Alleen wij, met onze creditcard. Snel stoppen we de spullen
in de auto en vertrekken. Bij de uitgang wordt 175 kronen in rekening gebracht.
Het is zondagmorgen, dus het is erg rustig op de weg. Via wat op- en afritten
komen we weer op de E6 naar het noorden. We moeten richting Zweden, maar eerst
een stukje naar het noorden en dan naar het oosten. Vlak voor een tunnel zie ik
in de spiegel wat bungelen en realiseer met dat ik de riem waarmee ik
normaliter de dakkoffer beveilig in de parkeergarage op het dak heb laten
liggen. Die valt nu van het dak af. Stoppen is er niet bij, dus die zijn we
kwijt. De koffer blijft zo ook wel dichtzitten. Op een uitermate rustige weg
tuffen we richting Hamar (dik 100 km) en Trondheim (500 km). Wij gaan niet
zover en kiezen de afrit naar Kongsvingr. Via uitgestrekte landbouwgebieden
rijden we richting het oosten. Onderweg komen we van die leuke verkeersborden
tegen die waarschuwen voor elanden. In Knogsvingr is een kasteel. We rijden
tegen een heuvel aan omhoog om er te kijken, maar het is nog zo vroeg dat we
weer omkeren en besluiten om door te rijden. De kerk gaat net aan en even waan
je je weer in Nederland. Wat bezielt mensen toch. Wij rijden door en prompt
verkeerd. Op een rotonde één afslag te vroeg. Gelukkig hebben we het direct
door. Keren en de goede weg op. Via allerlei kleine plaatsjes komen we nog bij
een kerkje dat op de kaart als bijzonder wordt aangegeven. Niet bijzonder
genoeg, want hij is gesloten. Door maar weer. Na een tijdje komen we plotseling
bij een grenspaal en een bord dat de Zweedse rijksgrens aangeeft. Niks douane.
Terwijl de vorige grens nog een echte grens met douane was? Hier kun je zo
doorrijden. Twintig kilometer verderop zijn we in Thorsby. Dit is Zweden, dus
hier zijn de winkels weer gewoon open op zondag. We gaan boodschappen doen en
schaffen diverse heerlijkheden aan voor de lunch. Omdat het inmiddels
verschrikkelijk regent, moeten we op zoek naar een geschikte plek om te eten.
Het liefst een picknicktafel met een dakje erboven. Dat zal natuurlijk niet
meevallen, denk je. Maar Zweden is Zweden en dus rijden we na een kwartier een
leuk plekje op aan het water met ……. een picknicktafel met een dakje. En droge
bankjes. We peuzelen onze kipvleugels en onze broodjes op en drinken limonade
en water. Daarna rijden we verder. We komen steeds dichter bij ons huisje, maar
omdat het zo regent besluiten we om te rijden en niet de onverharde wegen te
nemen. Je weet immers nooit hoe die er na zo’n bui uitzien. Om drie uur rijden
we uiteindelijk Sagen binnen. We zien direct al dat het een prachtige omgeving
is. Het is een heel klein dorp, dus ook nummer 20 is zo gevonden. Het is een
mooi huis. Op nummer 22 woont de eigenaar, dus daar gaan we de sleutel halen.
Dick heet de man en zijn vrouw heet Edith. Hij loopt met ons mee naar het
huisje en laat zien hoe het werkt. Beneden zijn twee slaapkamers en boven is de
woonkeuken en de woonkamer. De tv is aangesloten op een satelietontvanger en we
kunnen dus naar de nederlandse tv kijken. Voor de kinderen helemaal te gek. ’s
Morgens dus Jetix. Voor papa ook prima, want die kan Nederlandse teletekst
kijken. In het schuurtje staat een tafeltennistafel, bij het station aan de
overkant zijn railfietsen gestald en aan het meer ligt een kano. Het kan
allemaal niet op. We installeren ons en nemen het er van. Naar buiten is geen
goed idee, want het regent nog steeds. Binnen is ook genoeg te beleven. Na het
avondeten nemen we wel de auto, want tussen 8 en 10 moet je elanden kijken. We
rijden een eind in de omgeving rond, maar als we uiteindelijk om negen uur weer
thuis zijn, hebben we nog een eland gezien. Volgende keer beter. Nu eerst naar
bed.
Weer: regen, regen en nog eens regen. De hele dag.
Eten: Tacopannekoeken. Mjammie.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten